Belastingen
OZB
De belangrijkste eigen inkomstenbron van de gemeente wordt gevormd door de onroerendezaakbelasting (OZB). De OZB wordt geheven op onroerende zaken binnen de gemeente. Het is een gebruikersbelasting en eigenarenbelasting voor niet-woningen (dit zijn vooral kantoren en bedrijfspanden) en een eigenarenbelasting voor woningen.
Uitgangspunt is dat de OZB-opbrengsten jaarlijks worden verhoogd met de inflatie (CPI van maart) en geschatte groei. De opbrengsten minus de geschatte groei worden vervolgens omgeslagen over de totale waarde (exclusief areaaluitbreiding) van het onroerend goed in de gemeente (herwaardering). Net als voorgaande jaren heeft er geen indexatie plaatsgevonden voor gebruikers van niet-woningen. Hiervoor is gekozen, omdat de gebruikers in het voormalige Langedijk bij de harmonisatie een forse tariefsverhoging hebben gehad.
De berekening van de tarieven (percentages) voor 2027 volgt zodra de heffingsgrondslag definitief berekend is. De definitieve groei op basis van de areaaluitbreiding wordt pas rond oktober/november 2026 bekend. De tarieven worden opgenomen in de verordening die in december 2026 aan de raad wordt voorgelegd.
Parkeerregulering openbare weg
De begrote opbrengst vloeit voort uit de opgezette parkeerexploitatie en bestaat uit de opbrengst van parkeervergunningen, betaald parkeren op straat (P+R terreinen bij het station) en naheffingen op het P+R terrein. De tarieven worden geheven op basis van de Parkeergeldverordening.
Toeristenbelasting
Over overnachtingen van niet-ingezetenen in hotels, pensions of andere vakantieonderkomens in Dijk en Waard wordt toeristenbelasting geheven. De belasting wordt geheven bij degene die de gelegenheid tot overnachting biedt (zoals de hotelier of de pensionhouder). Diegene mag de belasting doorberekenen aan de gast.
Toeristenbelasting wordt geheven over het aantal overnachtingen en bij seizoenplaatsen over het aantal plaatsen per maand.
Forensenbelasting
Forensenbelasting wordt geheven bij degene die voor zichzelf of voor zijn gezin meer dan 90 dagen per jaar in een gemeubileerde woning in Dijk en Waard woont of verblijft zonder hier zijn hoofdverblijf te hebben.
Heffingen
Afvalstoffenheffing
Het product Afval en Grondstoffen wordt betaald uit de afvalstoffenheffing. Deze heffing is bedoeld om de kosten voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval te betalen, zoals is vastgelegd in de Wet milieubeheer.
De afvalstoffenheffing staat los van de jaarlijkse prijsindex (CPI) die de gemeente gebruikt voor andere tarieven en leges. Het uitgangspunt is dat de opbrengst van de afvalstoffenheffing gelijk is aan de kosten. De gemeente mag geen winst maken op deze heffing. Daarom kunnen de tarieven elk jaar stijgen of dalen, afhankelijk van de verwachte kosten en opbrengsten voor afvalinzameling en afvalverwerking.
De hoogte van de afvalstoffenheffing hangt af van verschillende kosten. Het gaat bijvoorbeeld om de inzet van personeel en voertuigen voor de inzameling, de kosten voor het verwerken van afval en grondstoffen, en de toerekening van overhead en compensabele btw.
Voor de berekening van de afvalstoffenheffing maakt de gemeente onderscheid tussen twee groepen huishoudens: eenpersoonshuishoudens en meerpersoonshuishoudens. Daarnaast wordt onderscheid gemaakt tussen vaste en variabele kosten.
De vaste kosten bestaan vooral uit de kosten voor inzameling, kwijtscheldingen en overhead (€ 8.222.000). Deze kosten worden gelijk verdeeld over alle huishoudens.
De variabele kosten bestaan uit het saldo van de verwerkingskosten en de opbrengsten van ingezamelde afvalstromen en grondstoffen (€ 4.302.000). De opbrengsten komen onder andere uit vergoedingen voor pbd (plastic, blik en drankkartons), metalen, elektrische apparaten, oud papier en glas. De variabele kosten worden verdeeld volgens een verhouding van 1:2. Een meerpersoonshuishouden betaalt dus twee keer zoveel variabele kosten als een eenpersoonshuishouden.
De afvalstoffenheffing is een geoormerkte heffing. Dat betekent dat de opbrengsten alleen mogen worden gebruikt voor de kosten van het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Om verschillen tussen de begrote en werkelijke kosten op te vangen, heeft de gemeente een egalisatievoorziening afvalstoffenheffing. Tekorten en overschotten kunnen hiermee tussen de jaren worden verrekend.
Taakveld 7.3 Afval | x € 1.000 |
|---|---|
Netto kosten | |
Kosten inzameling inclusief toegerekende rente | € 11.332 |
Inkomsten, exclusief heffingen | € -1.313 |
Totaal netto kosten | € 10.019 |
Toe te rekenen kosten | |
Overhead inclusief toegerekende rente | € 1.329 |
BTW | € 1.179 |
Totaal toe te rekenen kosten | € 2.508 |
Totaal kosten | € 12.527 |
Opbrengsten afvalstoffenheffing | € 12.527 |
Dekkingspercentage | 100% |
Rioolheffing
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het beheer van het afval- en regenwater en het verwerken van overtollig grondwater. De heffing hiervoor mag maximaal kostendekkend zijn en alleen die kosten bevatten die in de wet zijn genoemd.
De rioolheffing wordt geheven bij de gebruiker van een eigendom van waaruit direct of indirect afvalwater op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd.
De rioolheffing is een kostendekkende heffing. Dit betekent dat de gemeente deze heffing gebruikt om de kosten van het rioolbeheer te dekken. Er is dus geen directe relatie met inflatie of andere economische indexen. De hoogte van de heffing wordt voornamelijk bepaald door de daadwerkelijke kosten van deze diensten (waaronder onderhoud van het riool). Wanneer de kosten stijgen (door hogere loonkosten, energieprijzen of onderhoudskosten), past de gemeente de tarieven aan. Het tarief wordt daardoor niet geïndexeerd op basis van de CPI.
Onderstaande tabel laat zien in hoeverre de rioolheffing kostendekkendheid is.
Taakveld 7.2 Riolering | x € 1.000 |
|---|---|
Netto kosten | |
Kosten riolering inclusief toegerekende rente | € 9.874 |
Inkomsten, exclusief heffingen | € -178 |
Totaal netto kosten | € 9.696 |
Toe te rekenen kosten | |
Overhead inclusief toegerekende rente | € 1.002 |
BTW | € 1.674 |
Totaal toe te rekenen kosten | € 2.675 |
Totaal kosten | € 12.371 |
Baten | |
Opbrengsten rioolheffing | € 11.669 |
Onttrekking egalisatievoorziening | € 702 |
Totaal baten | € 12.371 |
Dekkingspercentage | 100% |
Lijkbezorgingsrechten
Het uitgangspunt voor de tarieven van de lijkbezorgingsrechten is volledige kostendekking voor:
- de uitgifte van graven (inclusief grafonderhoud)
- het begraven
- de algemene kosten voor het in stand houden van de gemeentelijke begraafplaatsen
De aanvrager betaalt lijkbezorgingsrechten voor de kosten die rechtstreeks samenhangen met de aanvragen. De gemeente betaalt de kosten die betrekking hebben op het deel van de begraafplaats dat nog niet in gebruik is.
Hoewel het uitgangspunt volledige kostendekking is, komt dat niet in onderstaande tabel tot uiting. Dit komt doordat de kosten als gevolg van leegstand op de begraafplaatsen voor rekening van de gemeente komen.
De kostendekkendheid van de lijkbezorgingsrechten voor 2027 is als volgt berekend:
Taakveld 7.5 Begraafplaatsen | x € 1.000 |
|---|---|
Netto kosten | |
Kosten | € 677 |
Inkomsten, excl. heffingen | |
Totaal netto kosten | € 677 |
Toe te rekenen kosten | |
Overhead incl. toegerekende rente | € 180 |
BTW | |
Totaal toe te rekenen kosten | € 180 |
Totaal kosten | € 857 |
Begrote opbrengsten | € 441 |
Dekkingspercentage | 51% |
Marktgelden
De marktgelden gelden voor de maandagmarkt op het Raadhuisplein en de Jaarmarkt in het centrum van Dijk en Waard (Centrumwaard-Middenweg). Marktgelden zijn de tarieven die marktkooplieden betalen voor het innemen van een standplaats op deze markten.
De tarieven worden jaarlijks aangepast op basis van de consumentenprijsindex (CPI) van maart. Voor 2027 betekent dit een verhoging van 2,7%. Met deze jaarlijkse indexering zijn de tarieven nog niet volledig kostendekkend. De gemeente kiest er bewust voor om de marktgelden niet te verhogen tot een kostendekkend niveau. De reden hiervoor is dat een verhoging de markt minder aantrekkelijk maakt voor kooplieden. Een kleinere markt met minder kooplieden doet afbreuk aan de functie van de markt als ontmoetingsplek en voorziening voor inwoners. De markt heeft naast een economische functie namelijk ook een maatschappelijke en sociale functie.
De weekmarkt bij winkelcentrum Broekerveiling is een verzelfstandigde markt en wordt beheerd door een stichting. Deze stichting is verantwoordelijk voor zowel de kosten als de opbrengsten van de markt. De gemeente brengt daarom geen marktgelden in rekening bij de marktkooplieden op deze markt. Voor het gebruik van de openbare ruimte betaalt de stichting jaarlijks een vergoeding aan de gemeente.
Taakveld 3.3 Marktgelden | x € 1.000 |
|---|---|
Netto kosten | |
Kosten | € 30 |
Inkomsten, excl. heffingen | € - |
Totaal netto kosten | € 30 |
Toe te rekenen kosten | |
Overhead incl. toegerekende rente | € 6 |
BTW | € 2 |
Totaal toe te rekenen kosten | € 8 |
Totaal kosten | € 38 |
Begrote opbrengsten | € 30 |
Dekkingspercentage | 79% |
Liggeld vaartuigen
Recreatiehaven Broekhorn moet 100% kostendekkend zijn. Daarom worden de kostendekkendheid van recreatiehaven Broekhorn en die van de haven in Broek op Langedijk apart weergegeven.
Recreatiehaven Broekhorn Heerhugowaard
De Stichting Recreatiehaven Broekhorn beheert en exploiteert namens de gemeente de Recreatiehaven Broekhorn en de hierbij liggende camperplaatsen (zie ook: Camper-gelden). De tarieven zijn geïndexeerd conform de uitgangspunten.
De opbrengsten uit liggelden worden gebruikt voor havengerelateerde kosten. Het gaat om zowel directe kosten (zoals schoonmaak, energie, waterverbruik, afvalverwerking en dagelijks onderhoud) als indirecte kosten (zoals toezicht, administratie, verzekeringen en afschrijvingen op investeringen). Ook de beheerkosten van de stichting vallen hieronder. De tarieven worden jaarlijks geïndexeerd op basis van de CPI van maart (voor 2027 is het percentage 2,7%).
Onderstaande tabel toont de kostendekkendheid van recreatie haven Broekhorn.
Taakveld 2.3 Liggeld vaartuigen | x € 1.000 |
|---|---|
Netto kosten | |
Kosten | € 50 |
Inkomsten, excl. heffingen | € - |
Totaal netto kosten | € 50 |
Toe te rekenen kosten | |
Overhead incl. toegerekende rente | € - |
BTW | € 8 |
Totaal toe te rekenen kosten | € 8 |
Totaal kosten | € 58 |
Begrote opbrengsten | € 58 |
Dekkingspercentage | 100% |
Haven Broek op Langedijk
De gemeente is verantwoordelijk voor de haven en de sluis in Broek op Langedijk. De haven heeft zones waar passanten kunnen aanleggen. Het tarief wordt berekend per strekkende meter. In de winterperiode kunnen de plekken worden gebruikt voor winteropslag.
De haven van Broek op Langedijk is niet kostendekkend, de tarieven worden jaarlijks geïndexeerd op basis van de CPI van maart (voor 2027 is dit 2,7%). Vanwege aangebrachte verbeteringen en hogere personeelskosten is het tarief daarnaast met 5% extra verhoogd.
Na het realiseren van het project Havenplein wordt gekeken naar een geleidelijke verhoging van de tarieven om deze haven in de toekomst (meer) kostendekkend te krijgen.
Onderstaande tabel toont de kostendekkendheid van de haven Broek op Langedijk.
Taakveld 2.3 Liggeld vaartuigen | x € 1.000 |
|---|---|
Netto kosten | |
Kosten | € 70 |
Inkomsten, excl. heffingen | € - |
Totaal netto kosten | € 70 |
Toe te rekenen kosten | |
Overhead incl. toegerekende rente | € - |
BTW | € 11 |
Totaal toe te rekenen kosten | € 11 |
Totaal kosten | € 81 |
Begrote opbrengsten | € 6 |
Dekkingspercentage | 8% |
Campergelden
De Stichting Recreatiehaven Broekhorn beheert en exploiteert namens de gemeente zowel de havenfaciliteiten als de bijbehorende camperplaatsen. De tarieven voor de camperplaatsen zijn vastgesteld op basis van het principe van kostendekkendheid.
De opbrengsten uit campergelden worden gebruikt voor de kosten die gerelateerd zijn aan de camperplaatsen. Het gaat om zowel directe kosten (zoals schoonmaak, energie, waterverbruik, afvalverwerking en dagelijks onderhoud) als indirecte kosten (zoals toezicht, administratie, verzekeringen en afschrijvingen op investeringen). Ook de beheerkosten van de stichting vallen hieronder. De tarieven worden jaarlijks geïndexeerd op basis van de CPI van juni (voor 2027 is dit 2,7%).
Onderstaande tabel toont de kostendekkendheid van de campergelden.
Taakveld 2.3 Campergelden | x € 1.000 |
|---|---|
Netto kosten | |
Kosten | € 15 |
Inkomsten, excl. heffingen | € - |
Totaal netto kosten | € 15 |
Toe te rekenen kosten | |
Overhead incl. toegerekende rente | € - |
BTW | € 2 |
Totaal toe te rekenen kosten | € 2 |
Totaal kosten | € 17 |
Begrote opbrengsten | € 17 |
Dekkingspercentage | 100% |
Sluisgelden
De bediening en het dagelijks beheer van de sluis in Broek op Langedijk vallen onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. De sluis wordt op locatie bediend door een sluiswachter, vaartuigen die de sluis passeren moeten sluisgeld betalen.
De opbrengsten dragen bij aan de kosten, maar zijn verre van kostendekkend. De vaste kosten (waaronder onderhoud en beheer) zijn relatief hoog ten opzichte van het aantal gebruikers van de sluis. Door het relatief lage aantal passages en de vaste personele inzet is volledige kostendekkendheid niet haalbaar zonder het tarief fors te verhogen. Een kostendekkend tarief zou zo hoog zijn, dat het gebruik van de sluis zou dalen.
De sluis vormt een belangrijke schakel in de vaarroute door het Rijk der Duizend Eilanden. Door het tarief laag te houden, wordt het gebruik van de sluis gestimuleerd, wat bijdraagt aan een aantrekkelijk recreatieaanbod en versterking van de lokale economie. Onderstaande tabel toont de kostendekkendheid van de sluisgelden.
Taakveld 2.3 Sluisgeld | x € 1.000 |
|---|---|
Netto kosten | |
Kosten | € 115 |
Inkomsten, excl. heffingen | € - |
Totaal netto kosten | € 115 |
Toe te rekenen kosten | |
Overhead incl. toegerekende rente | € - |
BTW | € 20 |
Totaal toe te rekenen kosten | € 20 |
Totaal kosten | € 134 |
Begrote opbrengsten | € 9 |
Dekkingspercentage | 7% |
Leges
Leges zijn betalingen aan de gemeente waar een individueel aanwijsbare tegenprestatie van tegenover staat. De leges mogen per hoofdstuk maximaal kostendekkend zijn. De leges zijn geïndexeerd, met uitzondering van tarieven die van overheidswege zijn gemaximeerd. De indexatie is gebaseerd op de ontwikkeling van de overhead en loonkosten (inclusief cao-ontwikkelingen). Hieronder staat een overzicht van de kostendekkendheid van de leges in 2027.
- Hoofdstuk 1 = Algemene dienstverlening, bijvoorbeeld de uitgifte van rijbewijzen, uittreksels, en diensten rond de ondergrondse infrastructuur en gehandicaptenkaarten
- Hoofdstuk 2 = Fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning, bijvoorbeeld het verlenen van vergunningen voor het bouwen van woningen
- Hoofdstuk 3 = Europese dienstenrichtlijn, bijvoorbeeld vergunningen voor horeca en evenementen.
Bij de behandeling van de legesverordening 2027 in december van dit jaar gaan we in op de kostendekkendheid per paragraaf. Na afloop van het boekjaar 2027 wordt via de jaarrekening 2027 de werkelijke kostendekkendheid weergegeven.
Hoofdstuk 1
Dit hoofdstuk komt uit op een kostendekkendheid van 80%. Volledige kostendekkendheid is niet mogelijk aangezien veel tarieven van overheidswege gemaximeerd zijn. Een paar voorbeelden hiervan zijn de uitgifte van paspoorten en rijbewijzen, en kansspelbelasting.
Hoofdstuk 2
Ten opzichte van de begroting 2026 zijn de kosten licht gedaald en de opbrengsten nagenoeg ongewijzigd gebleven. Hierdoor is de kostendekkendheid licht gestegen van 105% in 2026 naar 107% in 2027. Een kostendekkendheid boven de 100% is op grond van jurisprudentie toegestaan, omdat kruissubsidiëring tussen de hoofdstukken van de legesverordening mogelijk is.
Hoofdstuk 3
Ten opzichte van de begroting 2026 zijn de kosten en opbrengsten licht gestegen, doordat meer aanvragen worden verwacht voor de exploitatie van horeca. De kostendekkendheid is licht gestegen van 43% in 2026 naar 46% in 2027.
Legestabel
Onderstaande tabel laat zien dat de kostendekkendheid van hoofdstuk 2 uitkomt op 107%. Uit jurisprudentie blijkt dat zogenoemde kruissubsidiëring tussen de hoofdstukken van de legesverordening is toegestaan. Op het niveau van de gehele verordening mag kostendekkendheid maximaal 100% zijn. Per saldo is de kostendekkendheid van de legesverordening ten opzichte van de begroting van vorig jaar ongewijzigd gebleven op 95%.
Taakveld 0.2 Leges | x € 1.000 | ||
|---|---|---|---|
Hoofdstuk 1 | Hoofdstuk 2 | Hoordstuk 3 | |
Netto kosten | |||
Kosten | € 2.048 | € 3.083 | € 69 |
Inkomsten, excl. heffingen | |||
Totaal netto kosten | € 2.048 | € 3.083 | € 69 |
Toe te rekenen kosten | |||
Overhead incl. toegerekende rente | € 948 | € 1.124 | € 52 |
BTW | |||
Totaal toe te rekenen kosten | € 948 | € 1.124 | € 52 |
Totaal kosten | € 2.995 | € 4.207 | € 121 |
Begrote opbrengsten | € 2.397 | € 4.499 | € 55 |
Dekkingspercentage | 80% | 107% | 46% |
